Skip to content
Twitter
Facebook
Home
Over de auteur
Nog meer voor kinderen
Toetsen
Contact
Oefenen met studievaardigheden voor groep 7
Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op
Toets nakijken
.
De toetsvragen:
1.
Deze grafiek geeft aan hoeveel klanten gemiddeld per dag bij schoenenwinkel ’t Laarsje komen.
Welke conclusie kun je niet trekken uit deze grafiek?
Op zondag en maandag is de winkel dicht.
Zaterdag is de drukste dag van de week.
Op zaterdag zijn de kaplaarzen in de aanbieding.
2.
Je ziet drie kaarten van Europa. Je wilt weten welke soorten begroeiing er in Europa voorkomen. Welke kaart ga je gebruiken?
Kaart 2
Kaart 3
Kaart 1
3.
Je ziet de kaart van het eiland Malta.
Waar ligt de plaats Zurrieq?
In het zuidwesten van het eiland.
In het noordoosten van het eiland.
In het zuidoosten van het eiland.
4.
Haarvaten zijn hele kleine nauwe bloedvaten.
Hun zachte wanden zijn maar één cel dik.
Hierdoor kunnen zuurstof en voedingsstoffen gemakkelijk naar andere cellen in je lichaam stromen, waar ze nodig zijn.
Afvalstoffen gaan makkelijk van de cellen je bloed in om te worden weggebracht.
Wanneer is deze tekst bruikbaar?
Deze tekst is bruikbaar als je iets wilt weten over de voedselvoorziening van je lichaam.
Deze tekst is bruikbaar als je iets wilt weten over de werking van haarvaten.
Deze tekst is bruikbaar als je iets wilt weten over de werking van zachte wanden.
5.
Hieronder zie je een grafiek van het aantal fietsers in een aantal steden in Nederland.
Dries zegt: ’In Nijmegen rijden er 123 000 fietsers rond.’
Johan zegt: ’In Utrecht rijden er meer fietsers rond dan in Amsterdam.’
Wie heeft er gelijk?
Alleen Johan.
Beiden.
Alleen Dries.
6.
Welke titel zou deze grafiek kunnen hebben?
Huisdierenbezit in Amsterdam
Dierenrassen in Nederland
Katten en andere dieren
7.
Je ziet een kaart van een stukje van de Franse Rivièra. De letters en getallen geven de kaartvakken aan. In welk kaartvak ligt de stad Nice?
A3
B2
A2
8.
Gedurende zijn leven verliest elke vogel veren en krijgt er weer nieuwe bij.
Dit staat bekend als de rui.
De nieuwe veren kunnen dezelfde kleur hebben als de oude, maar kunnen ook verschillen.
Sommige vogels krijgen felgekleurde veren tijdens de broedperiode.
Andere veranderen een paar maal per jaar van kleur om zich aan hun omgeving aan te passen.
Zo krijgt een vrouwtjessneeuwhoen gestreepte veren om haar te camoufleren als ze op haar nest zit.
Wat is volgens jou de hoofdgedachte van deze tekst?
Sommige vogels krijgen felgekleurde veren tijdens de broedperiode.
De rui is het verschijnsel dat elke vogel veren verliest en er weer nieuwe bij krijgt.
Een vrouwtjessneeuwhoen krijgt gestreepte veren om haar te camoufleren als ze op haar nest zit.
9.
Je ziet een kaart van een stukje van Zuid-Spanje en Noord-Afrika.
Pilar gaat reizen van Algeciras naar Tarifa.
Deze weg is op de kaart ongeveer 5,5 cm.
De schaal van de kaart is 1 : 1 000 000.
Hoeveel km moet Pilar ongeveer afleggen?
155 km
55 km
10 km
10.
Je wil de betekenis van het scheefgedrukte woord in de onderstaande zin opzoeken in het woordenboek. Bij welk woord moet je zijn?
Gelukkig pasten we wel met zijn zessen in het
fietstaxietje
.
taxi
taxiën
fietstaxi
11.
Je ziet een kaart van het eiland Lanzarote.
Hoe diep is de zee waar het bootje vaart?
2000 - 4000 meter.
Meer dan 6500 meter.
50 - 200 meter.
12.
Met behulp van een endoscoop kan een arts in je lichaam kijken zonder een snede te maken.
Een smalle slang wordt via een lichaamsholte, zoals de keel, ingebracht.
Lichtbuisjes met glasvezels transporteren licht door de bochten van de slang en verlichten het binnenste van het lichaam.
De endoscoop bevat ook lucht- en waterbuisjes en een buis waardoor chirurgische instrumenten kunnen worden ingebracht.
Welk uittreksel is volgens jou het beste?
Een endoscoop bevat lucht- en waterbuisjes en een buis waardoor chirurgische instrumenten kunnen worden ingebracht.
Een endoscoop is een smalle slang die via een lichaamsholte in je lichaam wordt gebracht. De endoscoop bevat verlichting, lucht- en waterbuisjes en een buis waardoor kleine instrumenten kunnen worden ingebracht.
Met een endoscoop kan een chirurg opereren zonder een wond in het lichaam te maken.
13.
Bekijk de grafiek. Welke uitspraak is waar?
De meeste mensen gaan lopend naar het werk.
De meeste mensen gaan op de fiets naar het werk.
De meeste mensen gaan in de auto naar het werk.
14.
Je ziet twee kaarten van Nederland. Een kaart met de spoorlijnen en een gewone kaart. Nederland kent de zogenaamde kopstations. Dit zijn stations waar de spoorrails ophoudt en de trein dus aan het einde weer terug moet. Waar in Nederland zou een dergelijk kopstation kunnen liggen?
Zeist
Zoetermeer
Den Helder
15.
In haar werkstuk over de blindheid maakt Anna onderstaande inhoudsopgave. Waar in het werkstuk vind je dat blindheid kan ontstaan doordat de oogzenuw verlamt?
Omschrijving van de ziekte.
Oorzaken.
Hulpmiddelen.
16.
Harm wil het telefoonnummer weten van zijn favoriete voetballer Rasmus Elm van AZ Alkmaar. Hij weet dat deze in Alkmaar woont en hij weet ook in welke straat.
Waar moet Harm kijken, als hij in het telefoonboek de pagina’s van Alkmaar heeft gevonden?
Bij de A om AZ Alkmaar te zoeken.
Bij de E om Elm te zoeken.
Bij de R om Rasmus te zoeken.
17.
Je ziet twee kaarten van België: een kaart met de indeling in gewesten en provincies en een kaart die aangeeft uit welke periode de grondsoorten komen. In welke provincie stamt de bodem uit het pleistoceen?
Henegouwen
Luxemburg
Antwerpen
18.
Op basisschool De Dalton wordt er een activiteitenmiddag georganiseerd voor de groepen 5, 6, 7 en 8. Deze grafiek geeft aan welke activiteiten de kinderen per groep gaan doen. De lichtblauwe lijnen zijn voor groep 5, de donkerblauwe voor groep 6, de roze voor groep 7 en de gele voor groep 8.
Welke activiteiten zijn in groep 5 minder populair dan in de andere 3 groepen?
koken en toneel
pottenbakken en toneel
toneel en muziek
19.
De schilder Rembrandt van Rijn is vooral bekend geworden door zijn schilderij de Nachtwacht, dat in Het Rijksmuseum in Amsterdam hangt. Maar hij heeft natuurlijk nog meer geschilderd. Je wilt meer weten over andere schilderijen van deze schilder.
Onder welk woord moet je in de encyclopedie kijken?
Rembrandt
Rijksmuseum
Nachtwacht
20.
Hieronder zie je een schema over vruchten. Wat zijn geen bosvruchten?
frambozen
bramen
mandarijnen
21.
Stekelhuidigen zijn de enige dieren die van elk lichaamsdeel vijf stuks hebben.
Ze hebben een harde, kalkachtige buitenkant die bedekt kan zijn met stekels.
Stekelhuidigen bewegen zich voort met honderden, met vloeistof gevulde ’kanaalvoetjes’.
Ze worden alleen in zee aangetroffen.
Tot deze familie behoren de slangsterren, zeesterren, zee-egels en zeekomkommers.
De meeste leven in ondiep water, maar de slangster leeft op de diepzeebodem.
Er bestaan zo’n 6500 soorten stekelhuidigen en ze worden in alle wereldzeeën aangetroffen.
Zeesterren zijn meestal vleeseters, maar andere stekelhuidigen eten kleine plantjes en voedseldeeltjes die naar de zeebodem zinken.
Welke vraag past volgens jou het beste bij deze tekst?
Hoe bewegen stekelhuidigen zich voort?
Waar leven stekelhuidigen?
Hoe ziet het lichaam van stekelhuidigen er uit en hoe leven ze?
22.
Roos heeft nog nooit een postcode opgezocht op internet. Om de postcode te kunnen vinden van een bepaald persoon op internet, heb je nodig: de straatnaam, het huisnummer en de plaatsnaam.
Roos moet van 4 mensen de postcode opzoeken:
1: van Annemarie Elberts op de Grote Markt in Rotterdam
2: van Ans op de Schiedammerweg 3 in Enschede
3: van Bodil Mandema op de Kruisstraat 35 in Eindhoven
4: van Jans op de Denekampseweg 17 in Zutphen
Van wie heeft zij niet genoeg gegevens om de postcode op te zoeken?
Ans
Annemarie
Jans
23.
Op basisschool De Wildebras wordt er een activiteitenmiddag georganiseerd voor de groepen 6, 7 en 8. Deze grafiek geeft aan welke activiteiten de kinderen per groep gaan doen. De blauwe lijnen zijn voor groep 8, de roze voor groep 7 en de gele voor groep 6. Welke bewering is
niet
waar?
In groep 8 is een speurtocht meer in trek dan in groep 6.
In groep 6 gaan de meeste kinderen timmeren.
In groep 7 gaan de meeste kinderen schminken.
24.
Je ziet een schema over sterren en hun helderheid. Hoe lager het getal, hoe helderder de ster.
Wat weet je nu?
De sterren staan weergegeven van boven naar beneden in afnemende helderheid.
Hoe hoger op het lijstje, hoe zwakker de ster.
De sterren staan weergegeven van boven naar beneden in toenemende helderheid.
25.
Kijk goed naar onderstaande tabel. Welke skigebieden hebben minder rode pistes dan blauwe pistes?
Alle skigebieden behalve Alpen en IJsvlakte.
Alleen skigebied Alpen.
Geen enkel skigebied.
26.
Hieronder zie je het aantal mensen dat in de kerstvakanties naar een zonbestemming ging, het aantal mensen dat naar een winterbestemming ging en het aantal mensen dat een stedentrip ging doen. In welk jaar gingen er meer mensen op stedentrip dan naar een zonbestemming?
2007
Geen enkel jaar.
2008
27.
Hieronder zie je een schema over verschillende talenfamilies. Welke uitspraak klopt niet?
Pools en Duits behoren tot andere talenfamilies.
Roemeens en Russisch behoren tot dezelfde talenfamilie.
Frans en Spaans behoren tot dezelfde talenfamilie.
28.
Hieronder staan vier woorden. Welk woord zou jij vooraan zetten als je let op de alfabetische volgorde?
gehakt
geeuw
gewoon
29.
Deze grafiek geeft aan hoe de kinderen van basisschool De Toren naar school komen. Hoeveel kinderen komen er met het openbaar vervoer?
80
30
50
30.
Krokodillen en alligators
Deze vervaarlijke carnivoren zijn aangepast aan het leven in het water en op het land.
Meestal liggen ze onder water te loeren op prooien, met hun ogen en neusgaten boven water, maar met de rest van hun lichaam eronder.
Zodra ze hun prooi hebben beetgepakt, scheuren ze er een stuk af door hard te bijten en dan plotseling rond te draaien.
Welke aantekeningen geven de inhoud het beste weer?
Krokodillen en alligators: carnivoren - loeren onder water op prooi - bijten en draaien om prooi in stukken te scheuren.
Krokodillen en alligators: leven in water / op land - loeren onder water op prooi - ogen en neusgaten boven water.
Krokodillen en alligators: leven in water / op land - loeren onder water op prooi - bijten en draaien om prooi in stukken te scheuren.
Toets nakijken
Aanbevolen bij deze toets:
De Visual Steps-
boeken
Direct aan de slag
/
Stap-voor-stapinstructies
/
Begrijpelijke inhoud
Productoverzicht