Skip to content
Twitter
Facebook
Home
Over de auteur
Nog meer voor kinderen
Toetsen
Contact
Oefenen met leessommen (redactiesommen) voor groep 6
Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op
Toets nakijken
.
De toetsvragen:
1.
De moeder van Lois heeft een net sinaasappels gekocht van 3 kg. Hoeveel gram is dat?
3000 g
30 000 g
30 g
2.
Lara gaat naar het winkelcentrum. In haar favoriete kledingwinkel koopt ze een T-shirt van € 4,90 en een mooie rok van € 15,30. Hoe kan Lara betalen?
1 x 20 euro, 1 x 1 euro en 1 x 20 eurocent
1 x 10 euro, 1 x 5 euro, 2 x 2 euro en 1 x 20 eurocent
1 x 20 euro en 1 x 20 eurocent
3.
Boer Jaap is een hek aan het maken. Hij heeft een balk met een lengte van 1 m. Hij zaagt een kwart van de balk af. Hoeveel cm heeft hij er af gezaagd?
25 cm
50 cm
75 cm
4.
Olivia heeft een zak rijst van 2 kg. Ze gebruikt 600 g rijst voor het avondeten. Hoeveel gram rijst zit er nog in de zak?
19400 g
140 g
1400 g
5.
Max gaat altijd op de fiets naar zijn werk. Gisteren deed hij er precies een half uur over. Vandaag heeft hij er drie minuten minder lang over gedaan. In hoeveel minuten is Max vandaag naar zijn werk gefietst?
27 minuten
57 minuten
12 minuten
6.
In de fles shampoo van Karin zit 300 ml. Hoeveel dl is dat?
30 dl
3 dl
300 dl
7.
Jolien wil een hekje om haar groentetuin plaatsen. De lengte van de tuin is 6 m en 50 cm. De breedte van de tuin is 2 m en 50 cm. Hoeveel meter hek heeft Jolien nodig?
17 m
18 m
9 m
8.
Jasper is met zijn ouders in een pretpark. Ze besluiten een ijsje te gaan eten. Jasper kiest een ijsje van € 0,90, zijn ouders kiezen elk een ijsje van € 1,20. Zijn moeder betaalt met een briefje van € 5,00. Hoeveel geld krijgt zij terug?
€ 2,70
€ 2,90
€ 1,70
9.
Paulien heeft een landkaart waar op staat dat 1 cm in het echt 3 km is. Welke schaal staat er op de kaart?
1:30 000
1:3000
1:300 000
10.
Kim is 1 m en 50 cm, Tom is 1 m en 45 cm en Paul is 1 m en 40 cm. Hoeveel cm zijn Kim, Tom en Paul samen?
155 cm
138 cm
435 cm
11.
Karin drinkt elke dag een halve liter water. Hoeveel dl water drinkt zij in twee dagen?
100 dl
1 dl
10 dl
12.
Thomas heeft 1 kg druiven gekocht. Hij eet thuis één trosje druiven van 120 g. Hoeveel gram druiven heeft hij nog over?
9880 g
880 g
88 g
13.
Marijke koopt bij de groenteboer
kg sperziebonen en 2 kg aardappelen. De sperziebonen kosten € 2,00 per kg en de aardappelen kosten € 0,80 per kg. Hoeveel moet Marijke betalen?
€ 2,80
€ 2,60
€ 1,80
14.
Steffie wil vandaag een cake gaan bakken. Ze gaat naar de supermarkt en koopt een pak bloem van € 0,70, zes eieren van € 1,80, een kilo suiker voor € 1,10 en een pakje boter voor € 1,15. Hoeveel moet Steffie betalen?
€ 4,95
€ 4,65
€ 4,75
15.
De vader en moeder van Selma zijn 15 jaar getrouwd. Ze gaat met haar vader naar de bloemist en ze kopen een bos met 15 rode rozen. Het boeket kost € 26,25. De vader van Selma betaalt met twee briefjes van € 20,00. Hoeveel geld krijgt hij terug?
€ 13,75
€ 23,75
€ 14,75
16.
Suze zit op tennisles en ze gaat op de fiets naar de tennisbaan. Ze vertrekt om 15.57 uur en komt om 16.18 uur bij de tennisbaan aan. Hoe lang is ze onderweg?
39 minuten
21 minuten
31 minuten
17.
Laura bakt elke week een cake. Voor elke cake gebruikt zij 200 g bloem. In een pak bloem zit 1 kg. Na hoeveel weken is het pak leeg?
5 weken
50 weken
20 weken
18.
Ruben heeft een chocoladereep. De reep bestaat uit 24 stukjes. Hij eet
van de reep op. Hoeveel stukjes heeft Ruben opgegeten?
8 stukjes
3 stukjes
6 stukjes
19.
Ramon is thuis aan het klussen. Hij gaat naar de bouwmarkt en koopt acht planken van € 12,00 per stuk. Hoe kan Ramon betalen?
1 x 50 euro, 2 x 20 euro, 1 x 5 euro en 1 x 1 euro
1 x 50 euro, 1 x 20 euro, 1 x 5 euro en 1 x 2 euro
1 x 50 euro, 1 x 20 euro, 1 x 5 euro en 2 x 2 euro
20.
Bas legt plavuizen in de woonkamer. De woonkamer heeft een lengte van 8 m en een breedte van 4 m. Bas heeft al 14 m² plavuizen gelegd. Hoeveel m² plavuizen moet Bas nog leggen?
18 m²
10 m²
22 m²
21.
Mark heeft geld gekregen voor zijn verjaardag. Hij gaat naar de boekhandel en koopt een boek van € 16,95 en een stripboek van € 5,95. Hoeveel moet Mark betalen?
€ 22,90
€ 21,90
€ 22,95
22.
Jos is in een meubelwinkel. Hij koopt er een nieuw bureau voor € 238,00 en een nieuwe bureaustoel voor € 88,00. Hoe kan Jos betalen?
3 x 100 euro, 1 x 10 euro, 1 x 5 euro en 1 x 1 euro
2 x 100 euro, 1 x 20 euro, 1 x 5 euro en 1 x 1 euro
3 x 100 euro, 1 x 20 euro, 1 x 5 euro en 1 x 1 euro
23.
Maartje heeft voor haar verjaardag geld gekregen van opa en oma. Ze is met haar moeder naar de speelgoedwinkel gegaan om iets uit te zoeken. Uiteindelijk heeft ze gekozen voor een spelletje van € 12,50 en een barbiepop van € 6,20. Ze betaalt met een briefje van € 20,00. Hoeveel geld krijgt Maartje terug?
€ 1,30
€ 2,40
€ 1,20
24.
Loes gaat naar de bakker. Ze koopt een brood en vier gebakjes. Het brood kost € 1,95 en de gebakjes kosten € 2,10 per stuk. Hoeveel moet Loes betalen?
€ 10,35
€ 9,35
€ 6,35
25.
Naomi en Evelyn gaan met de bus naar de stad. De bus vertrekt om 12.43 uur en komt om 13.07 uur aan. Hoe lang duurt de busreis?
36 minuten
14 minuten
24 minuten
26.
Maria heeft een kilo rijst. Zij gebruikt voor het avondeten 300 g. Hoeveel rijst heeft zij nog over?
930 g
9300 g
700 g
27.
Joël heeft 42 dropjes. Hij eet
van de dropjes op. Hoeveel dropjes heeft hij opgegeten?
7 dropjes
36 dropjes
6 dropjes
28.
Miranda wil een lijst maken om een schilderij. Ze heeft uitgerekend dat dat schilderij een omtrek heeft van 4 m en 60 cm. De lengte is 1 m en 40 cm. Wat is de breedte van het schilderij?
160 cm
90 cm
180 cm
29.
Femke is jarig geweest en koopt bij de bakker twee taarten van € 7,30 per stuk. Hoe kan Femke betalen?
1 x 10 euro, 2 x 2 euro, 1 x 20 eurocent en 1 x 10 eurocent
1 x 10 euro, 1 x 2 euro, 1 x 50 eurocent en 1 x 10 eurocent
1 x 10 euro, 2 x 2 euro, 1 x 50 eurocent en 1 x 10 eurocent
30.
Roos wil haar moeder verrassen met een bosje bloemen. Ze heeft een mooie bos witte rozen uitgezocht voor € 7,65. Hoe kan Roos betalen?
1 x 5 euro, 2 x 2 euro, 1 x 50 eurocent, 1 x 20 eurocent en 1 x 5 eurocent
1 x 5 euro, 1 x 2 euro, 1 x 50 eurocent, 1 x 10 eurocent en 1 x 5 eurocent
1 x 5 euro, 1 x 2 euro en 1 x 5 eurocent
Toets nakijken
Aanbevolen bij deze toets:
De Visual Steps-
boeken
Direct aan de slag
/
Stap-voor-stapinstructies
/
Begrijpelijke inhoud
Productoverzicht