Skip to content

Oefenen met leessommen (redactiesommen) voor groep 6

Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op Toets nakijken.

De toetsvragen:

1.

Steffie wil vandaag een cake gaan bakken. Ze gaat naar de supermarkt en koopt een pak bloem van € 0,70, zes eieren van € 1,80, een kilo suiker voor € 1,10 en een pakje boter voor € 1,15. Hoeveel moet Steffie betalen?


2.

Jan zijn gewicht was 90 kg. Hij is afgevallen en weegt nu [1^18] minder. Hoeveel weegt hij nu?


3.

Veerle doet mee aan een atletiekwedstrijd. Ze kan goed verspringen. De vorige wedstrijd sprong ze 3 m en 25 cm. Nu springt ze 3 m en 32 cm. Met hoeveel mm heeft ze haar record verbeterd?


4.

Femke is jarig geweest en koopt bij de bakker twee taarten van € 7,30 per stuk. Hoe kan Femke betalen?


5.

Kim is 1 m en 50 cm, Tom is 1 m en 45 cm en Paul is 1 m en 40 cm. Hoeveel cm zijn Kim, Tom en Paul samen?


6.

Ida gaat schoonmaken. Ze vult een gewone emmer helemaal met water. Hoeveel water zit er in de emmer?


7.

Amber gaat een stukje wandelen met haar oma. Ze vertrekken om 13.26 uur en komen om 14.19 uur weer thuis. Hoe lang zijn Amber en haar oma weggeweest?


8.

Marcel rijdt 180 km met zijn auto. Hij doet daar 2 uur over. Hoeveel kilometer per uur heeft Marcel gereden?


9.

Paulien heeft een landkaart waar op staat dat 1 cm in het echt 3 km is. Welke schaal staat er op de kaart?


10.

Pieter gaat met zijn ouders op vakantie naar Italië. Zijn vader heeft daarom een wegenkaart van Europa gekocht. Op de wegenkaart staat dat de schaal 1:2 000 000 is. Hoeveel km is 1 cm in het echt?


11.

Rick drinkt een glas cola van 20 cl. Mark drinkt twee bekers melk van 150 ml en Esther drinkt een kopje koffie van 150 ml. Hoeveel cl hebben ze samen gedronken?


12.

Laura bakt elke week een cake. Voor elke cake gebruikt zij 200 g bloem. In een pak bloem zit 1 kg. Na hoeveel weken is het pak leeg?


13.

In de fles shampoo van Karin zit 300 ml. Hoeveel dl is dat?


14.

Thomas heeft 1 kg druiven gekocht. Hij eet thuis één trosje druiven van 120 g. Hoeveel gram druiven heeft hij nog over?


15.

Mark heeft geld gekregen voor zijn verjaardag. Hij gaat naar de boekhandel en koopt een boek van € 16,95 en een stripboek van € 5,95. Hoeveel moet Mark betalen?


16.

Tessa en haar zus krijgen van hun ouders een nieuwe fiets. De fiets van Tessa kost € 295,00 en de fiets van haar zus kost € 325,00. Hoeveel moeten de ouders van Tessa betalen?


17.

Jurgen is te groot geworden voor zijn fiets. Zijn ouders kopen een nieuwe fiets voor Jurgen voor € 235,50. Hoe kunnen ze betalen?


18.

Ramon is thuis aan het klussen. Hij gaat naar de bouwmarkt en koopt acht planken van € 12,00 per stuk. Hoe kan Ramon betalen?


19.

Roos wil haar moeder verrassen met een bosje bloemen. Ze heeft een mooie bos witte rozen uitgezocht voor € 7,65. Hoe kan Roos betalen?


20.

Noortje bakt een appeltaart. Ze heeft een pak suiker van 1 kg. Voor de appeltaart gebruikt ze 80 g. Hoeveel gram suiker zit er nog in het pak?


21.

De moeder van Lois heeft een net sinaasappels gekocht van 3 kg. Hoeveel gram is dat?


22.

Miranda wil een lijst maken om een schilderij. Ze heeft uitgerekend dat dat schilderij een omtrek heeft van 4 m en 60 cm. De lengte is 1 m en 40 cm. Wat is de breedte van het schilderij?


23.

Bram gaat op vakantie naar Frankrijk. Zijn vader heeft een wegenkaart gekocht met een schaal van 1:5 000 000 Hoeveel km is 1 cm op de kaart in het echt?


24.

Max gaat altijd op de fiets naar zijn werk. Gisteren deed hij er precies een half uur over. Vandaag heeft hij er drie minuten minder lang over gedaan. In hoeveel minuten is Max vandaag naar zijn werk gefietst?


25.

Joël heeft 42 dropjes. Hij eet [1^6] van de dropjes op. Hoeveel dropjes heeft hij opgegeten?


26.

Boer Jaap is een hek aan het maken. Hij heeft een balk met een lengte van 1 m. Hij zaagt een kwart van de balk af. Hoeveel cm heeft hij er af gezaagd?


27.

Olivia heeft een zak rijst van 2 kg. Ze gebruikt 600 g rijst voor het avondeten. Hoeveel gram rijst zit er nog in de zak?


28.

De vader en moeder van Selma zijn 15 jaar getrouwd. Ze gaat met haar vader naar de bloemist en ze kopen een bos met 15 rode rozen. Het boeket kost € 26,25. De vader van Selma betaalt met twee briefjes van € 20,00. Hoeveel geld krijgt hij terug?


29.

Suze zit op tennisles en ze gaat op de fiets naar de tennisbaan. Ze vertrekt om 15.57 uur en komt om 16.18 uur bij de tennisbaan aan. Hoe lang is ze onderweg?


30.

Loes gaat naar de bakker. Ze koopt een brood en vier gebakjes. Het brood kost € 1,95 en de gebakjes kosten € 2,10 per stuk. Hoeveel moet Loes betalen?


Aanbevolen bij deze toets:

Oefenen met leessommen (redactiesommen) voor groep 6

De Visual Steps-boeken

Direct aan de slag / Stap-voor-stapinstructies / Begrijpelijke inhoud