Skip to content
Twitter
Facebook
Home
Over de auteur
Nog meer voor kinderen
Toetsen
Contact
Oefenen met leessommen (redactiesommen) voor groep 6
Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op
Toets nakijken
.
De toetsvragen:
1.
De vader en moeder van Selma zijn 15 jaar getrouwd. Ze gaat met haar vader naar de bloemist en ze kopen een bos met 15 rode rozen. Het boeket kost € 26,25. De vader van Selma betaalt met twee briefjes van € 20,00. Hoeveel geld krijgt hij terug?
€ 23,75
€ 13,75
€ 14,75
2.
Sven gaat schaatsen op de ijsbaan. Hij heeft 4 km geschaatst. Hij heeft daar 1 kwartier over gedaan. Wat is zijn snelheid?
15 kilometer per uur
16 kilometer per uur
40 kilometer per uur
3.
Pieter gaat met zijn ouders op vakantie naar Italië. Zijn vader heeft daarom een wegenkaart van Europa gekocht. Op de wegenkaart staat dat de schaal 1:2 000 000 is. Hoeveel km is 1 cm in het echt?
20 km
2 km
200 km
4.
De oma van Renske bakt pannenkoeken. Zij gebruikt 500 g bloem. Hoeveel kg is dat?
50 kg
kg
5 kg
5.
Olivia heeft een zak rijst van 2 kg. Ze gebruikt 600 g rijst voor het avondeten. Hoeveel gram rijst zit er nog in de zak?
19400 g
1400 g
140 g
6.
Naomi en Evelyn gaan met de bus naar de stad. De bus vertrekt om 12.43 uur en komt om 13.07 uur aan. Hoe lang duurt de busreis?
36 minuten
14 minuten
24 minuten
7.
Het huis van Noa heeft drie verdiepingen van 11 m lang en 6 m breed. Wat is de oppervlakte van het hele huis?
198 m²
102 m²
66 m²
8.
Jan zijn gewicht was 90 kg. Hij is afgevallen en weegt nu
minder. Hoeveel weegt hij nu?
78 kg
72 kg
85 kg
9.
Timo fietst ’s ochtends 3 km naar school. Daar doet hij 15 minuten over. Na school fietst hij 2 km naar zijn vriendje om te spelen. Later op de middag fietst hij 3 km naar huis. Timo fietst elke keer even snel. Hoe lang heeft Timo in totaal gefietst?
30 minuten
2 uur
40 minuten
10.
Miranda wil een lijst maken om een schilderij. Ze heeft uitgerekend dat dat schilderij een omtrek heeft van 4 m en 60 cm. De lengte is 1 m en 40 cm. Wat is de breedte van het schilderij?
160 cm
180 cm
90 cm
11.
Maartje heeft voor haar verjaardag geld gekregen van opa en oma. Ze is met haar moeder naar de speelgoedwinkel gegaan om iets uit te zoeken. Uiteindelijk heeft ze gekozen voor een spelletje van € 12,50 en een barbiepop van € 6,20. Ze betaalt met een briefje van € 20,00. Hoeveel geld krijgt Maartje terug?
€ 2,40
€ 1,20
€ 1,30
12.
Karel wil bomen planten aan een kant van zijn tuin. Zijn tuin is 12 m lang en hij plant om de 2 meter een boom. Hoeveel bomen heeft Karel nodig? Let op: op beide hoeken moet ook een boom komen.
6 bomen
12 bomen
7 bomen
13.
Paulien heeft een landkaart waar op staat dat 1 cm in het echt 3 km is. Welke schaal staat er op de kaart?
1:300 000
1:3000
1:30 000
14.
Mark heeft geld gekregen voor zijn verjaardag. Hij gaat naar de boekhandel en koopt een boek van € 16,95 en een stripboek van € 5,95. Hoeveel moet Mark betalen?
€ 22,95
€ 22,90
€ 21,90
15.
Suze zit op tennisles en ze gaat op de fiets naar de tennisbaan. Ze vertrekt om 15.57 uur en komt om 16.18 uur bij de tennisbaan aan. Hoe lang is ze onderweg?
31 minuten
39 minuten
21 minuten
16.
Susan gaat schoonmaken. Zij doet 7 liter water in een emmer. Hoeveel dl zit er in de emmer?
700 dl
7 dl
70 dl
17.
Boer Gerben maakt een hek om zijn weiland. Hij heeft een balk van 250 cm en zaagt er
af. Hoe lang is de balk nu?
220 cm
175 cm
237 cm
18.
Loes wil vanavond nasi koken. Ze gaat naar de supermarkt en koopt een pak rijst voor € 1,35, een pak nasigroente voor € 2,75, een pakje kruiden voor € 0,65 en een doosje eieren voor € 1,25. Hoeveel moet Loes betalen?
€ 5,00
€ 5,90
€ 6,00
19.
Laura bakt elke week een cake. Voor elke cake gebruikt zij 200 g bloem. In een pak bloem zit 1 kg. Na hoeveel weken is het pak leeg?
50 weken
20 weken
5 weken
20.
Roos wil haar moeder verrassen met een bosje bloemen. Ze heeft een mooie bos witte rozen uitgezocht voor € 7,65. Hoe kan Roos betalen?
1 x 5 euro, 1 x 2 euro, 1 x 50 eurocent, 1 x 10 eurocent en 1 x 5 eurocent
1 x 5 euro, 1 x 2 euro en 1 x 5 eurocent
1 x 5 euro, 2 x 2 euro, 1 x 50 eurocent, 1 x 20 eurocent en 1 x 5 eurocent
21.
Rens doet 5 liter water in een emmer. Hoeveel dl is dat?
5 dl
500 dl
50 dl
22.
Maureen wil trakteren omdat ze een nieuwe baan heeft. Ze koopt bij de bakker tien gebakjes van € 1,80 per stuk. Ze betaalt met een briefje van € 50,00. Hoeveel geld krijgt Maureen terug?
€ 22,00
€ 32,00
€ 38,00
23.
Noortje bakt een appeltaart. Ze heeft een pak suiker van 1 kg. Voor de appeltaart gebruikt ze 80 g. Hoeveel gram suiker zit er nog in het pak?
920 g
20 g
9920 g
24.
Boer Jaap is een hek aan het maken. Hij heeft een balk met een lengte van 1 m. Hij zaagt een kwart van de balk af. Hoeveel cm heeft hij er af gezaagd?
25 cm
75 cm
50 cm
25.
De moeder van Lois heeft een net sinaasappels gekocht van 3 kg. Hoeveel gram is dat?
30 g
30 000 g
3000 g
26.
Maria heeft een kilo rijst. Zij gebruikt voor het avondeten 300 g. Hoeveel rijst heeft zij nog over?
9300 g
930 g
700 g
27.
Ida gaat schoonmaken. Ze vult een gewone emmer helemaal met water. Hoeveel water zit er in de emmer?
8 ml
8 l
8 dl
28.
Bram gaat op vakantie naar Frankrijk. Zijn vader heeft een wegenkaart gekocht met een schaal van 1:5 000 000 Hoeveel km is 1 cm op de kaart in het echt?
50 km
5000 km
500 km
29.
Ramon is thuis aan het klussen. Hij gaat naar de bouwmarkt en koopt acht planken van € 12,00 per stuk. Hoe kan Ramon betalen?
1 x 50 euro, 2 x 20 euro, 1 x 5 euro en 1 x 1 euro
1 x 50 euro, 1 x 20 euro, 1 x 5 euro en 1 x 2 euro
1 x 50 euro, 1 x 20 euro, 1 x 5 euro en 2 x 2 euro
30.
In de fles shampoo van Karin zit 300 ml. Hoeveel dl is dat?
30 dl
300 dl
3 dl
Toets nakijken
Aanbevolen bij deze toets:
De Visual Steps-
boeken
Direct aan de slag
/
Stap-voor-stapinstructies
/
Begrijpelijke inhoud
Productoverzicht