Skip to content
Twitter
Facebook
Home
Over de auteur
Nog meer voor kinderen
Toetsen
Contact
Oefenen met aardrijkskunde en natuuronderwijs voor groep 8
Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op
Toets nakijken
.
De toetsvragen:
1.
Welke instantie is door een aantal Europese landen opgericht om beter te kunnen samenwerken?
Europese Unie.
UEFA.
NAVO.
2.
Wat is niet waar over de voortplanting bij planten?
Nieuwe planten groeien uit zaden.
Nieuwe planten groeien uit bloembollen.
Nieuwe planten groeien uit eitjes.
3.
De afgelopen jaren is de allochtone bevolking in ons land vooral toegenomen door
de komst van asielzoekers.
emigratie.
een geboortegolf.
4.
Welke persoon maakt geen gebruik van de wind als energiebron?
Een zeiler.
Een koorddanser.
Een surfer.
5.
Welk voorwerp bezit geen veerkracht?
Kast.
Elastiekje.
Duikplank.
6.
Mijn kantoor staat in Heerenveen. Vaak bezoek ik klanten in andere plaatsen in Friesland. Dat noem je
vrachtverkeer.
woon-werkverkeer.
zakenverkeer.
7.
Welke vogel klopt met zijn snavel op de boomschors om insecten te vinden?
De uil.
De torenvalk.
De bonte specht.
8.
In Ierland wordt veel gevist. Dit kan omdat
hier heel veel meren en rivieren zijn.
de inwoners graag vissen.
de mensen geen vlees eten.
9.
Welke zin past bij de steppe?
Een uitgestrekte grasvlakte.
Dichte boombegroeiing.
Een onvruchtbare zandvlakte.
10.
Het Zuidlaardermeer ligt in de provincie
Groningen.
Friesland.
Overijssel.
11.
Zomergasten noemen we vogels die
hier alleen komen om te broeden.
je soms in de zomer kunt zien.
in de zomer wegtrekken.
12.
Bijen hebben het moeilijk de laatste jaren. Wat kun je doen om ze te helpen?
Zet een schaaltje suiker buiten.
Bouw een bijenhotel.
Jaag alle wespen weg.
13.
De zaden van erwten en bonen worden beschermd door een
peul.
harde schil.
dop.
14.
De rijke sjeiks doen veel voor hun land. Wat doen zij niet?
Ziekenhuizen bouwen.
Wegen aanleggen.
Alle mensen rijk maken.
15.
Canada is een rijk land dankzij zijn
gas.
houtindustrie.
veeteelt.
16.
Welke van deze drie hoort niet tot de vaste stoffen?
Limonade.
Krijt.
IJzer.
17.
Er ligt een magnetisch geworden schroevendraaier naast een kompas. De naald van het kompas wijst naar
het noorden.
de schroevendraaier.
het zuiden.
18.
Wat wordt met het moessonseizoen in Thailand bedoeld?
De regentijd.
De oogsttijd.
De droge tijd.
19.
Je laat een ketel met water een poosje doorkoken. Waaraan in de keuken zie je dat er waterdamp ontstaat?
Het aanrecht.
Het keukenkastje.
Het raam.
20.
De Noordkaap hoort bij
Denemarken.
Noorwegen.
Polen.
21.
Sommige dieren verlaten direct na de geboorte hun nest. Welk dier is zo`n `nestvlieder`?
Een jonge merel.
Een jonge haas.
Een koolmeesje.
22.
Langs onze kust liggen op veel plaatsen duinen. Deze zandheuvels worden gevormd door
de kustwacht.
de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten.
de wind.
23.
In de Balkan woont een volk soms verspreid over meerdere landen. Dit komt door
het volk is te groot voor één land.
de vele oorlogen in dit gebied.
de reislust van deze mensen.
24.
Om gezond te blijven heeft een lichaam vitamines nodig. Vitamine C zit veel in
brood.
vis.
fruit.
25.
In de jaren zestig kwamen er veel mensen uit Zuid-Europa werken in West-Europa. We noemden deze mensen
vluchtelingen.
gastarbeiders.
asielzoekers.
26.
De woestijn de Negev vind je in
Syrië.
Israël.
Filipijnen.
27.
De hoofdstad van Zwitserland is
Bern.
München.
Turijn.
28.
In de zomer trekken vooral mensen naar de Alpen die houden van
skiën.
bergbeklimmen.
fietsen.
29.
Waardoor wordt het natuurgebied de Waddenzee vooral bedreigd?
De veerboten naar de eilanden.
Boringen naar aardgas.
De toeristen.
30.
Irrigatie in de landbouw betekent
het droogleggen van land.
het benadelen van boeren.
het besproeien of bevloeien van land met rivier- of grondwater.
Toets nakijken
Aanbevolen bij deze toets:
De Visual Steps-
boeken
Direct aan de slag
/
Stap-voor-stapinstructies
/
Begrijpelijke inhoud
Productoverzicht