Skip to content

Leren en oefenen met procenten en het metriek stelsel voor groep 7 en 8

Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op Toets nakijken.

De toetsvragen:

1.

10 ton = ...


2.

Volgens de ANWB gebeuren 90% van de ongelukken met kinderen binnen de bebouwde kom. Wat betekent dat?


3.

Het Leuterse Dagblad heeft een onderzoek onder haar lezers gehouden. De vraag was: ’Vindt u ook dat het rijbewijs onbetaalbaar is geworden?’ Wat betekent twijfel?


4.

0,6 kilometer =


5.

De nieuwe auto van Kees kost € 8000,00. Na een jaar kost dezelfde auto 110%. Hoeveel is de auto duurder geworden en wat kost hij nu?


6.

De NOS heeft de zendtijd voor het winterseizoen verdeeld. Welk onderdeel heeft de meeste zendtijd gekregen? Is dit meer of minder dan de helft van alle zendtijd?


7.

250 mm = ...


8.

1 hl = ... m3


9.

1000 dm = ...


10.

Door nachtstroom te gebruiken bespaar je 8% aan energiekosten. Wat betekent dit?


11.

Kees brengt elke maand € 100,00 naar de bank. De rente per maand is 1%. Hoeveel rente krijgt Kees per maand?


12.

Hoe schrijf je 80 eurocent?


13.

7 % van € 1250,00
Hoeveel is de rente na 1 jaar?


14.

Je mag bij deze opgave een rekenmachine gebruiken.
De elektricien berekende € 33,60 btw (12%) voor de klus. Hoeveel heeft de klus gekost, de btw niet meegerekend?


15.

1 mg = ... dg


16.

180 centimeter = ...


17.

De aardappeloogst op de kleigrond bedroeg vorig jaar 46.300 kg. Dit jaar valt de oogst 20% lager uit. Hoeveel kilo aardappelen komt er dit jaar van de kleigrond?


18.

200 centimeter = ...


19.

8% van € 50,00 =


20.

 deel =  = 20%
deel = ... en  deel = ...


21.

Je mag bij deze opgave een rekenmachine gebruiken.
De sanitairzaak plaatst een badkamer met een waarde van € 10.420. Omdat het familie is hoeft de eigenaar geen btw te betalen. Hoeveel btw (15%) kan de eigenaar aftrekken?


22.

10% van 100 is 0,1 x 100 = 10
6% van 300 is ...


23.

De schoolarts wil weten hoeveel Gea langer is geworden. Welke maat gebruikt hij?


24.

Rijwielhandel Fietsplus heeft in het eerste kwartaal van dit jaar 100 fietsen verkocht. De jongens- en herenfietsen samen worden meer verkocht dan de meisjes en damesfietsen. Klopt dit? Waarom?


25.

Kijk eerst naar dit voorbeeld:
deel = 1 van de 5 = 20 van de 100 = 20%
Nu jij!
deel = ... van de ... = ... van de 100 = ...%
Wat zet je op de plaats van de stippen?


26.

Kees sluit een lening van € 6000,00 en moet na 1 jaar € 240,00 rente betalen. Hoeveel % is de rente?


27.

Wat betekent mm²?


28.

De vrachtwagenchauffeur tankt bij de benzinepomp de tank van zijn vrachtwagen vol. Welke inhoudsmaat wordt er gebruikt?


29.

Tijdelijk in elke tube tandpasta 20% extra gratis. Wat betekent dat?


30.

11 kilometer = ...


Aanbevolen bij deze toets:

Leren en oefenen met procenten en metriek stelsel voor groep 7 en 8

De Visual Steps-boeken

Direct aan de slag / Stap-voor-stapinstructies / Begrijpelijke inhoud