Skip to content

Oefenen met taal voor groep 6

Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op Toets nakijken.

De toetsvragen:

1.

Lees onderstaande tekst. Voor wie is deze tekst bedoeld?

En dan nu over de grote overstroming. Je ziet op de beelden dat vele huizen weggespoeld zijn.
Je kunt in je eigen school een actie op touw zetten voor de slachtoffers.


2.

Deze zin is niet goed. Wat is de goede zin?

Toen de politie de twee boeven arresteerde, riep één van de boeven: ‘Ik heb het niet gedaan, maar hij wel!’


3.

Lees onderstaande tekst. Welk woord past het beste bij dit verhaaltje?

‘Bent u dit, oma?’ Nynke wijst een meisje aan op een oude groepsfoto. ‘Dat heb je goed gezien,’ zegt oma verbaasd, ‘waaraan zie je dat ik het ben?’ ‘Aan de mond en de ogen, mama heeft dezelfde trekjes om haar mond en zij heeft net zulke mooie bruine ogen als u.’


4.

Lees onderstaande tekst. Wat is het onderwerp van dit verhaal?

In een dorp in Congo hebben 35 mannen een enorm nijlpaard gevangen. Het dier weegt meer dan 2000 kilo. Het nijlpaard was gevaarlijk en viel de mensen van het dorp aan. Al weken werd geprobeerd het nijlpaard te vangen door hem te lokken met aas aan een stuk draad. Maar een enorme krokodil trok het draad steeds stuk en ging er met het aas vandoor. Een vangnet was beter. Hiermee is het gelukt. Het nijlpaard kon het net niet stuktrekken en zat in de val.


5.

Lees onderstaande tekst. Wat leer je uit deze tekst?

De Amerikaanse scholiere Annie Ryan zat zoals zo vaak in de schoolbus. In een scherpe bocht viel de chauffeur per ongeluk op de grond. De bus reed door en botste tegen twee auto`s op. Annie kwam in actie en trapte op de rem. De bus kwam tot stilstand. Niemand raakte gewond. Dat was een heldendaad. Maar in plaats van een beloning kreeg ze straf. Amanda was eerder weg gegaan van school en was aan het spijbelen toen ze de schoolbus redde.


6.

In welke zin wordt een woord verkeerd gebruikt?


7.

Welk woord in onderstaande zin kun je op twee manieren uitleggen?

Cor zonk tot zijn middel in het drijfzand, omdat hij het bordje verkeerd had begrepen.


8.

Lees onderstaande tekst. Wat bedoelt juf Wietske?

Juf Wietske zegt dat we het druk krijgen vanochtend. Eerst zelf een rekentaak doen en daarna een taalopdracht, waarbij we mogen samenwerken.
Juf zegt tegen ons: ‘Bij rekenen hoor ik graag jullie fluisterstem. En bij taal jullie overleg-stem.’


9.

Lees onderstaande tekst. Hoe beschrijf je de situatie van de schoonzoon?

Een 68-jarige jager heeft bij het jagen zijn schoonzoon voor een beer aangezien en hem per ongeluk beschoten. De jongeman imiteerde het gromgeluid van een beer en zwaaide met zijn armen. Hij wilde zijn schoonvader tijdens de nachtelijke jachtpartij voor de gek te houden. De schoonvader schoot direct. De kogel vloog rakelings langs het hoofd van de schoonzoon. Hij schreeuwde en zijn schoonvader hield op met schieten.


10.

Wat is er vreemd in dit verhaaltje?

Wat een show!
Een acrobaat die gevaarlijke stunts uithaalt aan een lang touw. En een goochelaar die een tijger lijkt te laten verdwijnen.
De mensen vallen van de ene stoel in de andere van verbazing door de prachtige acts.
Deze schitterende show zullen de mensen zeker onthouden.


11.

Lees onderstaande tekst. Voor wie is deze tekst geschreven?

Open dagen en informatie-avonden Boslucht College
De informatie-avonden over de brugklas zijn op dinsdag 25 en woensdag 26 maart van 19.00 tot 22.00 uur. Je kunt deze informatie-avonden met je ouders bezoeken. Op deze avonden zijn er drie informatiebijeenkomsten in de aula en kan er ook rondgekeken worden in de school. De open dag is op zaterdag 29 maart van 10.00 tot 13.00. Op de open dag worden er rondleidingen door de school gegeven door leerlingen.


12.

Lees onderstaande tekst. Wat wil de schrijver van deze tekst zeggen?

Een baby kan in de buik van zijn moeder al heel wat horen.
Rustige muziek is het best: zangkoren bijvoorbeeld en fluitmuziek.
Drums zijn minder geschikt voor de baby.
Als de moeder zelf een instrument speelt, is een blaasinstrument of een viool leuk voor de baby.


13.

Wat betekent hetzelfde als ‘een bot mes’?


14.

Kakkerlakken, muizen en ratten noemen we ...


15.

Welke van de scheefgedrukte woorden is niet de persoonsvorm?


16.

Welk woord in onderstaande zin kun je op twee manieren uitleggen?

Een grappige vraag: ‘Weet jij wat weekdieren doen in het weekend?’


17.

Lees onderstaande tekst. Wat klopt volgens jou niet?

1. In de tijd van 789 tot 1100 na Chr. gebruikten de Vikingen verschillende soorten houten schepen.
2. Deze schepen waren erg belangrijk voor de Vikingen.
3. Ze werden bijvoorbeeld gebruikt voor transport, handel, oorlogvoeren, filmavondjes, plunderingen en ontdekkingsreizen.
4. Aan boord sliep men in waterdichte leren slaapzakken met een wollen schapenvel erin.


18.

Welk woord moet in deze zin in plaats van ‘zodat’?

Lisa wil graag fietsen, zodat Amy gaat liever zwemmen.


19.

Een feit is iets dat waar is, iets dat je kunt bewijzen. Een feit kun je zien of meten. In welke zin staat geen feit?


20.

Welke lezer past het best bij deze tekst?

Wilt u zo vriendelijk zijn om niet te roken in dit café? U kunt in een speciale ruimte genieten van uw sigaartje of sigaretje.


21.

Lees onderstaande tekst. Waarvoor zou jij deze tekst gebruiken?

Heerlijke tapas eten, de indrukwekkende Sagrada Familia bewonderen of flaneren over de beroemde Ramblas?
Ontdek Barcelona vanuit Aparthotel Vallès, dat in het typisch Catalaanse stadje Sabadell ten noorden van bruisend Barcelona ligt.


22.

Een medicijn is voor iemand die ...


23.

Lees onderstaande tekst. Wat wordt er bedoeld met ‘minder onbevangen’?

De Leidense jongeren uit Kijk eens in mijn studentenhuis waren tijdens de opnamen van het vervolg een stuk minder onbevangen. ‘Ja natuurlijk, iedereen weet nu wat een camera doet,’ zegt Janne. ‘Die camera volgt je overal waar je gaat. Je wordt de hele tijd gefilmd. Eerst hadden we dat niet zo in de gaten, maar nu we beelden van onszelf hebben teruggezien, weten we dat. Het was daarom wel weer even slikken toen de camera’s begonnen te draaien.’


24.

Lees onderstaande tekst. Wat is het onderwerp van dit verhaal?

Op vrijdagavond fietste Peter door het bos toen hij een slang op de weg zag liggen. Hij dacht dat het dier ongevaarlijk was en wilde een paar foto’s maken. Maar de slang bleek giftig te zijn en hij beet Peter in zijn vinger. Toen Peter thuiskwam was zijn hele arm dik en rood. Het deed veel pijn. Zijn ouders brachten hem snel naar het ziekenhuis. Gelukkig hebben de doktoren hem weer beter kunnen maken. Maar Peter heeft zijn lesje geleerd. Voortaan laat hij slangen met rust.


25.

Lees onderstaande tekst. Wat klopt volgens jou niet?

1. Brandweerman Harry is nergens bang voor.
2. Ooit redde hij het leven van een klein hondje.
3. Hij hoorde het hondje blaffen en rende een brandend gebouw in.
4. Na een poosje kwam hij naar buiten met het hondje op zijn arm.
5. Het baasje van het hondje was natuurlijk dolgelukkig.
6. Nog elk jaar stuurt het hondje als dank een foto naar brandweerman Harry.


26.

Lees onderstaande tekst. Wat wil de schrijver vertellen?

Sinds 2010 worden de Olympische Jeugdspelen gehouden. Het is de bedoeling dat sporters in de leeftijdscategorie van 14 tot en met 18 jaar meedoen. Tijdens de 119e vergadering van het IOC werd besloten Jeugdspelen te gaan houden. De eerste Jeugd Zomerspelen werden in Singapore gehouden, de eerste Jeugd Winterspelen in 2012 in Innsbruck.


27.

Welk woord in deze zin kun je beter weglaten?

Mijn stekelige cactus groeit alsmaar groter, omdat ik hem iedere dag zo goed verzorg.


28.

In welke zin wordt een woord verkeerd gebruikt?


29.

In welke zin is het scheefgedrukte woord verkeerd gespeld?


30.

Katoen, linnen en zijde noemen we ...


Aanbevolen bij deze toets:

Oefenen met taal voor groep 6

De Visual Steps-boeken

Direct aan de slag / Stap-voor-stapinstructies / Begrijpelijke inhoud