Skip to content

Oefenen met studievaardigheden voor groep 8

Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op Toets nakijken.

De toetsvragen:

1.

Bekijk onderstaande afbeelding.

In welk van de drie woorden zit een fout?


2.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welk beroep groeide in alle landen in de loop der jaren het meest?


3.

Kees vindt alles wat met de zee te maken heeft geweldig. Of het nu over vissen gaat, over wrakken op de zeebodem of over koraalriffen; het maakt niet uit.
In welk boek zal hij zeker iets over scheepswrakken en koraalriffen vinden?


4.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welke stad ligt het dichtst bij de meest zuidelijke stad van de Elfstedentocht?


5.

Lees onderstaande tekst.

Het Nederlands Leder- en Schoenenmuseum
In het museum zie je alle schoenen die je maar bedenken kunt: geta`s uit Japan versierd met parelmoer en houtsnijwerk, teenslippers met verhogingen, eskimo-sneeuwschoenen gevlochten van kattendarmen, een schoen uit voormalig Joegoslavië gesneden uit een autobinnenband, naaldhakschoenen die twintig jaar geleden de vloerbedekking in huiskamers verwoestten, punkschoenen...
Als je verder loopt, kom je in een echte looierij uit 1930. Toen werden de huiden niet meer in kuipen gelegd om maandenlang gelooid te worden. Ze werden in draaiende tonnen gestopt, zodat het water met de eikenschors er omheen klotste. Dan was de huid veel sneller gelooid.
De huiden lagen in open tonnen en bakken. Leerlooierijen waren daarom toen altijd buiten het dorp of de stad gevestigd. Natuurlijk is er in het museum ook een ouderwetse schoenmakerij. Je ziet een huiskamer met in de hoek de tafel met de koffiekan, de kast, de kachel en in het midden de tafel van de schoenmaker. Hij zit er zelf te timmeren met zijn hamer. Zijn knecht zit tegenover hem. Vroeger naaide de schoenmaker de zool met pekdraad vast aan het bovenleer.
Zo`n ouderwetse schoenmaker uit 1900 repareerde de schoenen niet alleen, hij maakte ook nieuwe. Pekdraad was oersterk. Het bestond uit zes dunne draden vlas, die in pek tot één draad gevlochten werden. Er is ook een klompenmakerij en een schoenfabriekje uit 1930. De oude machines staan er nog, bijvoorbeeld de driepootdoornaaimachine.

De schrijver noemt drie hoofdzaken die in het museum te zien zijn.
Welke noemt hij?


6.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Je ziet in de grafiek de gemiddelde neerslag en de gemiddelde temperatuur van vier verschillende landen.
Welke staven horen bij Nederland?


7.

Bekijk onderstaande afbeelding.

De naam van de kwast geeft informatie over de kwast.
Welke stelling is juist?


8.

Je zoekt in de Winkler Prins naar Albert Schweizer.
Welk deel pak je van de plank?


9.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Dit zijn neerslagkaarten van Europa in de maanden januari en juli.
Met welke van de drie onderstaande conclusies ben je het niet eens?


10.

Lees onderstaande tekst.

Een museum vol schoenen
Het Nederlands Leder- en Schoenenmuseum staat in Waalwijk, in de leegstaande schoenfabriek van Pinocchio. Dit is geen toeval, want vroeger waren er in Waalwijk wel honderden kleine schoenmakerijtjes, gewoon aan huis. Brabant was bij uitstek geschikt voor het maken van leer. Leer wordt gemaakt van dierenhuiden. Die huiden moeten eerst gelooid worden. Een paar duizend jaar geleden spande men zo`n koeienhuid boven een rokend vuur en zo veranderde de huid langzaam in taai leer. Later ontdekte men dat de huiden veel beter in een grote kuip gegooid konden worden. In zo`n kuip zat water en daarna ging hij weer in een bad met run (fijngemalen eikenschors). Na een jaar was de huid gelooid tot leer. Brabant was voor dit leerlooien uitermate geschikt omdat hier veel eikenbossen groeiden en veel beekjes stroomden.

Waarom was Brabant geschikt voor het leerlooien?


11.

Bekijk onderstaande afbeelding.

In de tabel vind je gegevens over vakantiebestemmingen.
In welk land maak je de minste kans op regen?


12.

Anna houdt absoluut niet van melk, toch moet zij het drinken van haar ouders omdat er zoveel in zit. `Wat zit er dan in?`, vraagt ze zich af. Ze bladert in de encyclopedie.
Bij welk zoekwoord moet ze zijn?


13.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Je ziet een lijst met telefoonnummers.
Als je een nieuw product in de winkels wilt hebben is reclame maken handig.
Wat is het nummer van een bedrijf dat reclame maken voor je regelt?


14.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welke stelling over de schaalverdeling van deze grafiek is juist?


15.

Welk van de volgende rijtjes zou niet in een telefoonlijst kunnen voorkomen, omdat het niet op alfabetische volgorde staat?


16.

Lees onderstaande tekst.

Voetbal met hoofden
Dat de mens meer wil met zijn voeten dan simpel voortbewegen, blijkt wel uit de populariteit van de vele sporten die er bestaan. Het hardlopen ontstond al bij de eerste mensen, maar dan uit pure noodzaak om te vluchten voor naderend onheil. Via de klassieke Olympische Spelen in het Griekse Sparta en de marathon werd van de nood een veredelde deugd gemaakt. Voetbal daarentegen is uitgevonden. Voorzover de geschiedenis ons niet bedriegt, werd er al zo`n 400 jaar voor onze jaartelling in China een spel gespeeld dat veel overeenkomsten vertoont met ons voetbal. Na de kruistochten dook er in Engeland een spel op dat veel gelijkenissen heeft met deze latere volkssport. Volgens sommige historici hebben de kruisvaarders het spel meegebracht en werd het aanvankelijk gespeeld met de hoofden van gedode tegenstanders of geëxecuteerde misdadigers. Al in de veertiende eeuw waren er voetbalrellen, getuige een proclamatie uit die tijd waarbij het spel uit de Londense City werd verbannen. Toen speelde men overigens nog met opgevulde dierenblazen. Later werd de `ronde knikker` vervangen door een lederen exemplaar. Nog altijd, maar wellicht enigszins tegen de waarheid in, geldt Engeland als de bakermat van het voetbal.

Hoe weten we dat voetballen in de binnenstad van Londen niet meer mocht?


17.

Lees onderstaande tekst.

Spiegels
Het beeld dat door een spiegel wordt weerkaatst hangt af van de vorm van de spiegel. Als de spiegel goed vlak is, dan weerkaatst hij een getrouw beeld, al is het natuurlijk wel een spiegelbeeld. Is de spiegel een beetje bol dan lijk je korter en dikker. Is de spiegel enigszins hol dan lijk je langer en dunner. Je zult allemaal wel eens in `lachspiegels` hebben gekeken. Je hoeft jezelf maar te bekijken in of op een glimmende lepel: de lachspiegel in het klein. Er zijn overigens ook nuttige spiegels die niet vlak zijn. Menig achteruitkijkspiegeltje in een auto is enigszins bol (convex) zodat de weg in zijn geheel kan worden overzien. Een bolle spiegel verkleint enigszins, daardoor kan je een groter veld overzien. Holle spiegels (concaaf) worden wel in vuurtorens gebruikt. En als scheerspiegels. Ze vergroten wat.

Wat is waar?


18.

Wat zou jij veranderen als het onderstaand rijtje in een telefoonlijst zou staan?
G. Dijk Berkenlaan 2
S. Dijk Berkenlaan 8
A. Dijk Badweg 7
E. Dijk Bovenweg 3


19.

Lees onderstaande tekst.

Hoe vond je het?
Annelous (11) vindt het een leuk verhaal voor meisjes. De tekeningen zijn mooi en passen goed bij het verhaal. Ze denkt dat het verhaal echt gebeurd kan zijn. Ze vertelt: “Ik heb van dit boek geleerd dat het ook leuk kan zijn om met gehandicapte kinderen om te gaan. Ook denk ik dat de schrijver wil vertellen dat er allemaal vervelende dingen gebeuren in het leven maar dat je die goed moet oplossen.”

Stelling I: Volgens Annelous is het verhaal in dit boek gefantaseerd.
Stelling II: Annelous had een verkeerd beeld van het omgaan met gehandicapte kinderen.


20.

Je wilt de betekenis van het scheefgedrukte woord in onderstaande zin opzoeken in het woordenboek, bij welk woord moet je zijn?
`Zij is echt een kruidje-roer-me-niet.`


21.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Op deze kaart van Mexico kun je aflezen wat de gemiddelde temperatuur is in juli en in januari. Ook kun je zien wat de gemiddelde neerslag per jaar is.
Wat is de meest oostelijke stad op deze kaart?


22.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Bij Radio 538 zie je dat het marktaandeel verandert. Deze verandering is:


23.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welke stad is sinds 1985 het snelst gegroeid?


24.

Bekijk onderstaande afbeeldingen.

Hieronder staan drie beschrijvingen van een dorp.

1 Het dorp heeft slechts één sportveld en twee kerken. Er is één doorgaande weg die langs de noordkant van het dorp loopt en bij het monument aan de zeedijk kun je over de Waddenzee kijken. Bij de kerk aan de kust is een kleine begraafplaats. Ook is er een school in het dorp.
2 Het dorp heeft een klein industrieterrein en twee kerken zonder begraafplaats. Aan de zuidoost kant ligt een park en het dorp heeft twee scholen en een gymlokaal.
3 Het dorp heeft een groot sportterrein en slechts één kerk. De doorgaande weg ligt even buiten het dorp en de kinderen moeten in een andere plaats naar school, want een school is hier niet.

Welke beschrijving past bij het dorp op de kaart?


25.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Oma is mee naar het Openluchtmuseum. Ze zal lang niet alles kunnen zien, want ze loopt erg slecht. Ze wil in ieder geval graag een paar molens zien.
Waar kans ze het beste uitstappen als ze met de tram gaat?


26.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welke stelling is juist?


27.

Lees onderstaande tekst.

Miereneters
Miereneters danken hun naam aan het feit dat ze mieren en termieten eten. Ze leven in bomen. De snuit van een miereneter lijkt wel wat op een buis. Hij heeft geen tanden, maar wel een beweeglijke tong van zo`n 60 cm lang. De voorpoten hebben lange, scherpe klauwen en het zwarte haar op hun rug is stug. Hun schouders lijken wel wat op een bochel, waardoor je goed ziet dat die kaal zijn. Miereneters zijn nachtdieren. Ze kunnen uitstekend ruiken. Ze gaan met hun neus over de grond, speuren zo naar mierennesten en graven die uit met hun klauwen. Met hun kleverige tong snoepen ze alle mieren op die ze maar te pakken kunnen krijgen. Een volwassen dier kan per dag wel 30.000 mieren of termieten op. Jonge miereneters reizen mee op de rug van hun moeder.

Miereneters zijn zo onhandig dat ze alleen maar geschikt zijn om mieren te eten.


28.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Je ziet een lijst met telefoonnummers. Je hebt het telefoonnummer nodig van een architect met de naam Bonnema.
Welk nummer moet je bellen?


29.

Bekijk onderstaande afbeeldingen.

Hieronder staan drie beschrijvingen van de Willemskade.
Welke is goed?


30.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Dit diagram laat de onderverdeling zien van de vrijetijdsbesteding van Marije uit groep 8.
In de legenda staat `rest`. Wat zou daar onder kunnen vallen?


Aanbevolen bij deze toets:

Oefenen met studievaardigheden voor groep 8

De Visual Steps-boeken

Direct aan de slag / Stap-voor-stapinstructies / Begrijpelijke inhoud