Skip to content

Oefenen met studievaardigheden voor groep 8

Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op Toets nakijken.

De toetsvragen:

1.

Lees onderstaande tekst.

Leeuwen
Een volwassen mannetjesleeuw kan wel 175 cm lang worden en weegt 150 kilo. Een leeuwin wordt niet zo groot, maar is even gevaarlijk. Leeuwen hebben geen natuurlijke vijanden, behalve de mens dan. Daarom noemt men ze ook wel `koning der dieren`.
Leeuwen leven in familiegroepen. Een groep bestaat uit een of twee mannetjes, tien of meer vrouwtjes en welpen. Ze markeren hun territorium met urine en door luid te brullen. Leeuwen slapen overdag en jagen `s nachts. Bij de jacht maken ze bij het besluipen vaak gebruik van hun camouflagekleur. Een leeuwin krijgt per worp twee tot zes welpjes. Deze welpjes zijn eerst gevlekt, waardoor ze dan een beetje op luipaarden lijken. Pas na een jaar of vier zijn ze volwassen.

Waarom kunnen leeuwen hun prooi heel dicht naderen zonder gezien te worden?


2.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Op deze kaart van Mexico kun je aflezen wat de gemiddelde temperatuur is in juli en in januari. Ook kun je zien wat de gemiddelde neerslag per jaar is.
Wat is de meest oostelijke stad op deze kaart?


3.

Je wilt de betekenis van het scheefgedrukte woord in onderstaande zin opzoeken in het woordenboek, bij welk woord moet je zijn?
`Zij is echt een kruidje-roer-me-niet.`


4.

Wat zou jij veranderen als het onderstaand rijtje in een telefoonlijst zou staan?
G. Dijk Berkenlaan 2
S. Dijk Berkenlaan 8
A. Dijk Badweg 7
E. Dijk Bovenweg 3


5.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Als je het land met de hoogste welvaart vergelijkt met het land met de laagste welvaart wat is dan het verschil in cijfers?


6.

Bekijk onderstaande afbeelding.

In de tabel vind je gegevens over vakantiebestemmingen.
In welk park heb je de meeste kans op zon en tegelijkertijd de minste kans op neerslag?


7.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welk beroep groeide in alle landen in de loop der jaren het meest?


8.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Kijk naar de titel van deze grafiek.
Wat is waar?


9.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Henk woont in Leeuwarden. Hij moet maandagmiddag om half zes in Veenwouden zijn. Hij wil weten welke trein hij moet hebben.
Wat is het goede antwoord?


10.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welke stad ligt het dichtst bij de meest zuidelijke stad van de Elfstedentocht?


11.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welke bewering kun je met behulp van deze grafiek controleren?


12.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Wat is het landnummer van Zuid-Korea?


13.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Oma is mee naar het Openluchtmuseum. Ze zal lang niet alles kunnen zien, want ze loopt erg slecht. Ze wil in ieder geval graag een paar molens zien.
Waar kans ze het beste uitstappen als ze met de tram gaat?


14.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Dit zijn neerslagkaarten van Europa in de maanden januari en juli.
Met welke van de drie onderstaande conclusies ben je het niet eens?


15.

Lees onderstaande tekst.

Honden
Honden en wolven stammen van dezelfde voorouders af. Nu, na talloze generaties, lijken ze steeds minder op elkaar. Zo hebben honden bruine ogen, terwijl die van wolven geel zijn. De tenen van wolven zijn dun en lang, die van honden rond. Wolven hebben alle primitieve instincten van een wild dier, terwijl honden echte huisdieren zijn.
Honden gedragen zich heel interessant. Ze begraven hun uitwerpselen, plassen graag in een hoekje, begraven botten waar nog wat aan te kluiven valt en slapen in het donker. Heel bijzonder is dat een hond bijna altijd de weg naar huis weet te vinden, zelfs als ze ver weg gebracht zijn. Sommige honden zijn voor speciale taken getraind: ze trekken een slee, passen op schapen of weten hoe ze mensen moeten redden in de Alpen.

Honden en wolven stammen van dezelfde voorouders af.
Wat betekent dat?


16.

Lees onderstaande tekst.

Hoe vond je het?
Annelous (11) vindt het een leuk verhaal voor meisjes. De tekeningen zijn mooi en passen goed bij het verhaal. Ze denkt dat het verhaal echt gebeurd kan zijn. Ze vertelt: “Ik heb van dit boek geleerd dat het ook leuk kan zijn om met gehandicapte kinderen om te gaan. Ook denk ik dat de schrijver wil vertellen dat er allemaal vervelende dingen gebeuren in het leven maar dat je die goed moet oplossen.”

Stelling I: Volgens Annelous is het verhaal in dit boek gefantaseerd.
Stelling II: Annelous had een verkeerd beeld van het omgaan met gehandicapte kinderen.


17.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Je ziet een lijst met telefoonnummers. Je hebt het telefoonnummer nodig van een architect met de naam Bonnema.
Welk nummer moet je bellen?


18.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Dit is Noord-Amerika.
Hoe kan het dat de bosbouw in Canada belangrijker is dan de landbouw?


19.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Wie verkocht minder kaarten en kalenders dan pepermunt?


20.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Dit diagram laat de onderverdeling zien van de vrijetijdsbesteding van Marije uit groep 8.
In de legenda staat `rest`. Wat zou daar onder kunnen vallen?


21.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Veel vakantiegangers op Schiermonnikoog die kleine kinderen hebben gaan naar de Berkenplas (even ten noorden van bungalowpark `de Monnik`), om daar te zwemmen.
Hoe ver ligt de Berkenplas ongeveer van de jachthaven?


22.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Kijk naar de kolom waar `totaal` boven staat. Het verschil tussen de hoogste en de laagste waarde is 28.
Wie hebben daarvoor gezorgd?


23.

Lees onderstaande tekst.

Miereneters
Miereneters danken hun naam aan het feit dat ze mieren en termieten eten. Ze leven in bomen. De snuit van een miereneter lijkt wel wat op een buis. Hij heeft geen tanden, maar wel een beweeglijke tong van zo`n 60 cm lang. De voorpoten hebben lange, scherpe klauwen en het zwarte haar op hun rug is stug. Hun schouders lijken wel wat op een bochel, waardoor je goed ziet dat die kaal zijn. Miereneters zijn nachtdieren. Ze kunnen uitstekend ruiken. Ze gaan met hun neus over de grond, speuren zo naar mierennesten en graven die uit met hun klauwen. Met hun kleverige tong snoepen ze alle mieren op die ze maar te pakken kunnen krijgen. Een volwassen dier kan per dag wel 30.000 mieren of termieten op. Jonge miereneters reizen mee op de rug van hun moeder.

Miereneters zijn zo onhandig dat ze alleen maar geschikt zijn om mieren te eten.


24.

Lees onderstaande tekst.

Zwaailicht en sirene
Het is altijd spectaculair om een brandweer- of politiewagen of een ambulance met `toeters en bellen` voorbij te zien snellen; veel jongensdromen over politiewerk beginnen met wilde achtervolgingen.
De werkelijkheid is echter heel anders, want de politie is aan strikte regels gebonden. Zwaailicht en sirene mogen alleen worden gebruikt in gevallen van nood en in situaties waarin snel optreden vereist is; een crimineel is nog in de buurt en moet snel in de kraag worden gevat of er is een ernstig ongeval. Politieambtenaren mogen de zogenaamde optische en geluidssignalen alleen gebruiken, als zij toestemming krijgen van de meldkamer; ze mogen dit dus nooit zelf besluiten.
Overigens betekenen sirene en zwaailicht niet dat politiemensen onbezonnen mogen rijden. Kruisingen moeten rustig en voorzichtig worden overgestoken, want de bestuurders moeten oog houden voor de andere verkeersdeelnemers. Mocht u geconfronteerd worden met `toeters en bellen`, maak dan ruim baan. Want u kunt er dan vanuit gaan dat de nood aan de man is.

Waarom mag de politie niet zomaar met `zwaailicht en sirene` gaan rijden?


25.

Anna houdt absoluut niet van melk, toch moet zij het drinken van haar ouders omdat er zoveel in zit. `Wat zit er dan in?`, vraagt ze zich af. Ze bladert in de encyclopedie.
Bij welk zoekwoord moet ze zijn?


26.

Je bent in de gemeente Ede komen wonen en je wilt lid worden van de bibliotheek. Je hebt een website over de gemeente geopend.
Op welke pagina kun je informatie vinden over de bibliotheek?


27.

Hieronder staan drie woorden. Welk woord zou jij vooraan zetten als je let op de alfabetische volgorde?
gratis gretig gedrag graag


28.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Bij Radio 538 zie je dat het marktaandeel verandert. Deze verandering is:


29.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Je ziet in de grafiek de gemiddelde neerslag en de gemiddelde temperatuur van vier verschillende landen.
Welke staven horen bij Nederland?


30.

Bekijk onderstaande afbeelding.

Welke stad is sinds 1985 het snelst gegroeid?


Aanbevolen bij deze toets:

Oefenen met studievaardigheden voor groep 8

De Visual Steps-boeken

Direct aan de slag / Stap-voor-stapinstructies / Begrijpelijke inhoud