Skip to content
Twitter
Facebook
Home
Over de auteur
Nog meer voor kinderen
Toetsen
Contact
Oefenen met leessommen (redactiesommen) voor groep 5
Beantwoord de volgende 30 vragen en klik dan onder op de webpagina op
Toets nakijken
.
De toetsvragen:
1.
Melle spaart voor een laptop van 365 euro.
Hij heeft al 80 euro.
Hoeveel moet Melle nog sparen?
295
285
275
2.
Riet gaat 8 dagen op vakantie.
Een dag heeft 24 uur.
Hoeveel uur gaat Riet op vakantie?
186
188
192
3.
De tennisclub van Rafael heeft 805 euro in kas.
In de kantine is vandaag 120 euro binnengekomen.
Hoeveel geld is er nu in kas?
935
915
925
4.
De voetbalclub van Stefan verkoopt kaarten voor de wedstrijd tegen Ajax.
Er zijn 3000 kaarten. Op de dag van de wedstrijd zijn er nog 150 kaarten over.
Hoeveel kaarten zijn er verkocht?
2950
2850
2750
5.
Noortje en haar vriendinnen eten bij de snackbar.
Ze moeten 22 euro betalen. Ze krijgen 4 euro korting.
De 3 meiden delen de rekening.
Hoeveel betalen ze per persoon?
7
5
6
6.
Marcel heeft 98 euro verdiend met auto`s wassen, honden uitlaten en vegen.
Met vegen heeft hij 9 euro verdiend, en met honden uitlaten 7 euro.
Hoeveel heeft hij verdiend met auto’s wassen?
83
81
82
7.
Erben pakt harde broodjes in.
Er passen 6 broodjes in een zak. Erben heeft 49 broodjes.
Hoeveel zakken kan hij vullen? En hoeveel broodjes houdt hij over?
7 (5 over)
8 (0 over)
8 (1 over)
8.
Ilse heeft 4 mappen met stickers.
In iedere map zitten 85 stickers.
Hoeveel stickers heeft Ilse?
340
330
320
9.
Margriet heeft 2 zakken snoep mee op schoolreis. Er zitten 48 snoepjes in een zak.
Haar klas heeft 32 leerlingen. Margriet verdeelt de snoepjes eerlijk.
Hoeveel snoepjes krijgt iedereen?
2
3
4
10.
Mounir bergt zijn boeken op in dozen waar 8 boeken in passen.
Hij heeft 63 boeken.
Hoeveel bakjes kan Mounir vullen? Hoeveel boeken houdt hij dan over?
8 (0 over)
7 (7 over)
8 (1 over)
11.
Er zitten 42 mensen in de bus.
Ina ziet dat bij de eerste halte 20 mensen uitstappen. Bij de tweede halte stappen er 17 uit.
Hoeveel mensen zitten er nu nog in de bus?
5
4
6
12.
Tristan heeft 10 zakken met 15 koekjes.
Hij verdeelt de koekjes over 3 koektrommels.
Hoeveel koekjes zitten er in iedere trommel?
52
45
50
13.
Suze heeft evenveel dropjes, zuurtjes en lolly`s.
Ze verdeelt de 36 dropjes over 6 bakjes.
Hoeveel snoepjes zitten er in elke bak als ze alle 3 de soorten verdeeld heeft?
18
14
15
14.
De camera die Roy graag wil hebben is voor de halve prijs in de uitverkoop.
De camera kostte eerst 230 euro.
Wat kost de camera nu?
115
112
118
15.
Joost telt de supporters van de tegenpartij.
Ze komen met 8 bussen. In iedere bus zitten 45 mensen.
Hoeveel supporters komen er voor de tegenpartij?
330
360
340
16.
De grote wandeltocht heeft 5800 deelnemers.
Johnny doet ook mee. Om twee uur zijn 1700 deelnemers over de eindstreep gekomen.
Hoeveel deelnemers moeten er nog komen?
4200
4100
4300
17.
Jason koopt een spel voor het clubhuis.
Het spel kost 52 euro. Hij krijgt 4 euro korting.
Jason deelt de kosten met zijn 3 vrienden.
Hoeveel betalen ze per persoon?
10
12
9
18.
Emily haalt de boodschappen voor de barbecue.
Ze koopt voor 90 euro vlees en voor 30 euro salade.
Ze deelt de kosten met haar 5 vriendinnen.
Hoeveel betalen ze per persoon?
19
20
18
19.
Francien heeft 399 euro gespaard voor de vakantie.
Ze krijgt 23 euro van oma.
Hoeveel geld heeft ze voor de vakantie?
422
423
421
20.
Fiene pakt dozen snoep in.
Er passen 8 zakjes in een doos. Fiene heeft 87 zakjes.
Hoeveel dozen kan ze vullen? En hoeveel zakjes houdt ze over?
9 (7 over)
10 (7 over)
11 (1 over)
21.
Tiny heeft 4 briefjes van 100 euro, 2 briefjes van 10 euro en 5 munten van 1 euro.
Hoeveel euro heeft ze?
425
415
435
22.
Ank telt een maand lang alle vogels in de tuin.
Ze ziet 425 mussen, 300 spreeuwen en 40 koolmezen.
Hoeveel vogels heeft Ank gezien?
765
755
760
23.
Noa gaat verhuizen en pakt haar 240 boeken in.
Ze heeft 15 dozen om haar boeken in te doen.
Hoeveel boeken doet Noa in iedere doos?
14
16
18
24.
Emine telt het aantal fietsen in de stalling.
Er staan 5 rijen met fietsenrekken. Iedere rij heeft 4 rekken. In ieder rek staan 4 fietsen.
Hoeveel fietsen zijn er?
80
85
75
25.
Twan gaat op vakantie.
Het huisje kost 122 euro per week. Hij blijft er 3 weken.
Ook komen er nog 21 euro schoonmaakkosten bij.
Wat kost de vakantie?
385
389
387
26.
Halil verdient op vrijdag 28 euro met zijn krantenwijk.
Op zaterdag verdient hij 57 euro met auto`s wassen.
Hoeveel heeft hij verdiend?
86
84
85
27.
Aldo koopt in de uitverkoop een jas.
De jas was eerst 215 euro, maar kost nu 116 euro.
Hoeveel euro is de jas goedkoper geworden?
99
98
101
28.
De vader van Michelle boekt een reis naar Italië.
De reis kost 2300 euro en de huurauto 700 euro.
Hoeveel moet hij betalen?
3000
2900
3100
29.
De school van Rik gaat met 65 kinderen naar het museum.
De kaartjes kosten 4 euro per persoon.
Hoeveel moet er betaald worden voor alle kinderen?
250
240
260
30.
Lot vult de plantenbakken met plantjes.
Ze heeft 96 plantjes. In een plantenbak passen 6 plantjes.
Hoeveel bakken kan Lot vullen? Hoeveel plantjes houdt ze over?
15 (5 over)
16 (1 over)
16 (0 over)
Toets nakijken
De Visual Steps-
boeken
Direct aan de slag
/
Stap-voor-stapinstructies
/
Begrijpelijke inhoud
Productoverzicht